Wat is het Centraal Register Solvabiliteit?

De ‘Orde van Vlaamse Balies’ en de ‘Ordre des Barreaux francophones et germanophones’ gaan een ‘Centraal Register Solvabiliteit’ inrichten. Dit nieuwe register is een geïnformatiseerde gegevensbank waarin alle faillissementsdossier worden opgeslagen en bewaard. Faillissementsprocedures zullen zo volledig elektronisch worden gevoerd.

De oprichting van het Centraal Register Solvabiliteit (RegSol) past binnen de informatisering van Justitie. Het uitgangspunt is de elektronische neerlegging van de schuldvorderingen. Het Centraal Register Solvabiliteit bevat alle gegevens en stukken over de faillissementsprocedure. Dat zijn onder meer alle gegevens en stukken die de curator nodig heeft om het passief van de gefailleerde te bepalen, zoals de schuldvorderingen, de processen-verbaal van verificatie, enz.

Elk faillissementsdossier dat open wordt verklaard na 1 april 2017, zal in het Centraal Register Solvabiliteit worden bewaard in plaats van op de griffie van de rechtbank van koophandel. De bewaartermijn van de gegevens in een faillissementsprocedure bedraagt dertig jaar, te rekenen vanaf het vonnis van sluiting van het faillissement. Na afloop van de termijn worden de gegevens naar het Rijksarchief overgebracht.

Natuurlijke personen en rechtspersonen die in het buitenland zijn gevestigd en niet door een raadsman worden vertegenwoordigd, zijn niet verplicht om hun stukken langs elektronische weg neer te leggen in het register. Zij mogen de stukken bij de curator neerleggen, die ze zal opladen (www.regsol.be).

Toegang tot register

Het Centraal Register Solvabiliteit is toegankelijk voor:

magistraten, griffiers, het openbaar ministerie, parketsecretarissen, curators, en rechter-commissarissen bij het vervullen van hun wettelijke opdracht;

gefailleerden, schuldeisers en derden die beroepsmatig rechtsbijstand verlenen (advocaten in het kader van het faillissement);

de beheerder van het register.

Al deze personen zijn gebonden door het beroepsgeheim.

Verwerking persoonsgegevens in register

Met betrekking tot de gefailleerde, de schuldeisers, de curators en de rechter-commissarissen worden de volgende categorieën van persoonsgegevens in het register verwerkt :

de unieke identificatiegegevens van de gefailleerde, de schuldeisers, de curators en de rechter-commissarissen, onder meer de naam en voornamen van de natuurlijke persoon, of de naam van de rechtspersoon; de nationaliteit; het beroep; de unieke identificatienummers (identificatienummer van het Rijksregister van natuurlijke personen, en het identificatienummer van de Kruispuntbank van Ondernemingen (KBO)); het adres van inschrijving in het bevolkingsregister, en het adres van de maatschappelijke zetel;

de gerechtelijke gegevens uit het faillissementsdossier zoals de rechtbank waarbij de procedure hangende is; het bedrag van de aangegeven schuldvordering; en de naam en hoedanigheid van de partij in de procedure.

Retributie

Wie een faillissementsdossier wil inzien of beheren via het Centraal Register Solvabiliteit of er schuldvorderingen in wil neerleggen, betaalt daarvoor sinds 1 april 2017 een retributie. De retributies zullen jaarlijks op 1 januari worden aangepast aan het indexcijfer van de consumptieprijzen.

Een schuldeiser betaalt voor het neerleggen van de aangifte van schuldvorderingen met een eventuele inzage van het faillissementsdossier via het register of voor inzage van het faillissementsdossier via het register zonder een aangifte van schuldvordering een retributie van 6 euro.

Nieuws

Sinds 2006 al kunnen werkgevers een eenmalige innovatiepremie voor vernieuwende ideeën toekennen aan hun werknemers. Ook voor de periode 2017-2018 kunnen werkgevers dit instrument gebruiken om innovatieve werknemers te belonen. De regeling is opnieuw verlengd. De voorwaarden en de procedure wijzigen niet.

De hervorming van het Wetboek van vennootschappen van 7 mei 1999 draait rond vereenvoudiging, flexibilisering en aanpassing aan Europese evoluties. Over die ingrijpende hervorming is het laatste woord nog lang niet geschreven. Vandaag staan we stil bij de verdwijning van één van de basisprincipes uit ons vennootschapsrecht: het onderscheid tussen burgerlijke en handelsvennootschappen.

Eén van de belangrijke elementen in de hervorming van de vennootschapsbelasting is de manier waarop kapitaalverminderingen worden aangerekend. Vroeger had de vennootschap hierin een vrije keuze. Voor kapitaalverminderingen vanaf 2018 werd deze keuzevrijheid afgeschaft. Vanaf nu wordt de vermindering pro rata aangerekend op het gestort kapitaal, en op de reserves van de vennootschap. Daardoor wordt een deel van de terugbetaling een uitkering van dividenden. En daardoor belastbaar.